Praktijk voor psychosynthese


met nieuwe ogen leren kijken

Artikel BN/deStem


Met andere ogen leren kijken

Door Florence Imandt


- Zoeken naar zingeving is van alle tijden. Sterker, het houdt al millennialang zowat de hele mensheid bezig en leidde tot het ontstaan van wereldreligies.

Juist in veranderende, verbrokkelende maatschappijen wordt de behoefte aan zingeving sterker. Vandaar dat psychosynthese nu ‘boomt’. Deze stroming in de psychologie wil levensvragen oplossen met als belangrijkste handvat: bepaal wat echt belangrijk is.

Het klinkt als een open deur, bepalen wat je belangrijk vindt en daar vervolgens voor gaan. Want, zijn we daar niet allemaal voortdurend mee bezig? Met keuzes maken? Voor die en die middelbare school, voor dat spannende vriendje of vriendinnetje, voor die superbaan bij dat specifieke winners-bedrijf in die bepaalde stad?

Volgens de psychosynthese-theorie is er van open deuren geen sprake. Vaak worden keuzes namelijk ingegeven door gevoelens die je wegstopt, is een van de aannames van de psychosynthese, en dan maak je in feite de verkeerde keuze. Want je kiest dan niet voor dingen die jij echt belangrijk vindt, maar voor zaken die belangrijk zijn voor bijvoorbeeld je werkgever, je ouders of je economische positie.

„Dat heeft met identificatie te maken. Met de vraag ‘wie ben ik’ en ‘wat wil ik’“, legt Lisette Kobussen uit. We komen later op het begrip terug, eerst even over Lisette zelf. Ze woont in Bergen op Zoom, is van huis uit andragoog/pedagoog en werkte onder meer als gezondheidsvoorlichter en trainer. Nu is ze docent verpleging en verzorging bij het ROC en daarnaast heeft zij de vijfjarige opleiding tot psychosynthese-therapeut afgerond.
Zelf gebruikt ze trouwens liever de termen begeleider of beoefenaar omdat die de lading van het vak beter dekken. „Psychosynthese is eigenlijk meer een levenshouding en een visie op de maatschappij dan een therapie, vind ik. Ik zie mezelf ook eerder als een gids die iemand op zijn reis door het leven begeleidt. Ik los niet de levensvragen van mensen op, dat doen ze uiteindelijk zelf. Het gaat erom mensen bewust te maken van hun eigen innerlijke kracht. Ze als een soort supervisor zelf de dingen te laten ontdekken die ze belangrijk vinden.“

Toen ze een jaar of zes geleden zelf vastliep in haar werk ervoer ze de hulp van een psychosynthese-beoefenaar als ‘hartstikke goed’. „Zij hielp me mezelf staande te houden in dat werk. Ik leerde met andere ogen naar mezelf te kijken. Dat is in feite waar het bij psychosynthese om gaat. Mensen zitten namelijk vast in bepaalde gedrags- en denkpatronen. Daar moet je van los zien te komen. Ik had destijds veel moeilijke gesprekken over mijn functioneren op dat werk. Die wilde ik liever niet, althans niet op die manier. Ik moest dus een manier vinden waarmee ik wel uit de voeten kon, die wél bij mij paste.“

En daarmee zijn we terug bij de vraag ‘wie ben ik’. „Mensen herbergen altijd dualiteit in zich. Je kunt bijvoorbeeld als docent alwetend zijn, maar je tegelijkertijd onzeker voelen. De kunst is dat te onderkennen en ook negatieve gevoelens toe te laten. Als je angst, wanhoop, verdriet, weerstand, onzekerheid niet toelaat, ben je er maar voor de helft. Als je ze wel toelaat, ontstaat er vanzelf een positieve tegenhanger, iets nieuws. Dat is de synthese. Tussen licht en duister, halfvol en halfleeg. Die ontstaat door de dualiteit te onderkennen.“

Volgens Kobussen hebben de meeste mensen van nature een sterke behoefte bij een groter geheel te horen. „Dat manifesteert zich juist in een maatschappij die snel verandert zoals de onze waarin traditionele verbanden (zoals kerkgemeenschappen) verdwijnen. Daarnaast ontstaat er als gevolg van verregaande schaalvergroting sterk gespecialiseerd werk. Die dingen voeden de behoefte aan inzicht in jouw plekje binnen die veranderende wereld. Een bakker die vroeger een eigen zaak had en nu alleen nog maar meel in grote fabrieksmachines stopt, kan daar een leeg en zinloos gevoel aan overhouden, alsof de ziel uit zijn werk is.“
Wie met zulke levensproblemen zijn heil zoekt bij de psychosynthese, wordt bij de hand genomen om op drie niveaus naar oplossingen te zoeken: verleden, heden en toekomst. Met de nadruk op het heden en de huidige levensproblemen.
Die speurtocht naar de zin van jouw leven en jouw plaats in de wereld gebeurt tijdens gesprekken waarbij soms ook zogeheten verbeeldingstechnieken gebruikt worden. Verbeelding slaat een brug tussen beleving en de verwoording daarvan, zegt Lisette. „Dat betekent dat je dingen uit je onbewuste naar boven haalt en benoemt. Ook dat heeft weer met reflectie te maken, met andere ogen leren kijken, een spiegel voorhouden zo je wilt.“
Het uiteindelijk doel van de psychosynthese is mensen te genezen, of te helen, zoals ze in de alternatieve, holistische wereld plegen te zeggen. „Dat is bereikt als mensen innerlijke vrijheid ervaren. Als afzonderlijke delen van de persoonlijkheid goed met elkaar samenwerken, die allesweter met dat onzekere kleine meisje in je bijvoorbeeld. Dat is niet objectief te meten, dat voelt de cliënt zelf. Als hij of zij verder kan met het leven, is het wat mij betreft goed.“



Meer informatie: voor de opleiding http://www.psychosynthese.nl